VFL is goed bezig... en daarmee ook de Vlaamse strip.

5 februari 10

Internationale stripwereld neemt Vlaamse auteurs ernstig

Vlaams Fonds voor de Letteren ziet sneeuwbaleffect aan vertalingen

Het Franse publiek en de internationale stripscène nemen de Vlaamse stripauteurs en hun werk ernstig. Dat bleek duidelijk tijdens de 37ste editie van het internationale stripfestival van Angoulême, dat zondagavond de deuren sluit. Vorig jaar was Vlaanderen eregast, met als hoogtepunten de indrukwekkende tentoonstelling ‘Ceci n’est pas la BD flamande’ en een verkoopstand in de vorm van een sfeervol café. Het café stond er dit jaar opnieuw, en was een nog groter succes. Daarnaast toonden veel Franse en andere buitenlandse uitgevers interesse voor nieuw werk van Vlaamse auteurs.

In de aantrekkelijke caféstand ‘Chez les flamands’, die de meeste bezoekers zich nog herinnerden van vorig jaar, was het koppen lopen. De dames van de Antwerpse stripwinkel Mekanik verkochten er originele strips en vertaald werk van Vlaamse auteurs. Reeksen als ‘Bob et Bobette’ deden het ongelooflijk goed omdat ze in Frankrijk niet verkrijgbaar zijn. Maar ook ‘La Guerre Eternelle’ van Marvano, ‘Dickie’ van Pieter De Poortere, ‘Plunk’ van Luc Cromheecke en ‘Les Noceurs’ van Brecht Evens ging vaak over de toonbank.

De afgelopen week waren de Franse media heel lovend over de vertaling van ‘Ergens waar je niet wil zijn’ bij Actes Sud BD. Brecht Evens signeerde meer dan tachtig albums op de Vlaamse stand, samen met een groep collega’s. Het Vlaams Fonds voor de Letteren (VFL) nam dit jaar Kristof Spaey, Seb C., Pieter De Poortere, Charel Cambré en Jeroen Janssen mee naar het festival. Maar ook voor Randall.C, Judith Vanistendael en Nix stonden lezers in de rij. Die laatste twee zijn genomineerd voor de prestigieuze prijzen van Angoulême. Zondagnamiddag zal duidelijk worden of ze bij de winnaars zijn.

Het VFL coördineerde, net als in 2009, de Vlaamse aanwezigheid in Angoulême, en is meer dan tevreden met de resultaten van het festival. De inspanningen van 2009 werden dit jaar verzilverd. Een jaar later herinnert iedereen zich de Vlaamse auteurs en hun werk nog, en blijft de interesse groot. Meer zelfs: er zitten heel wat vertalingen van Vlaamse strips aan te komen, zoals de Engelse ‘Ergens waar je niet wil zijn’ (Drawn and Quarterly) en ‘Nachtdieren’ (Topshelf) van Brecht Evens, de Engelse ‘Slaapkoppen’ (Blank Slate) van Randall.C, een Franse en Spaanse compilatie van ‘Boerke’ (Glénat) van Pieter De Poortere, een Franse vertaling van ‘De wraak van Bakamé’ (La Boîte à Bulles) van Pieter Van Oudheusden en Jeroen Janssen en de Italiaanse ‘I love Paris’ en ‘I hate Paris’ (Comma22) van Maarten Vandewiele, Erika Raven en Peter Moerenhout. Voor Judith Vanistendaels ‘De maagd en de neger’ zijn de rechten na Frankrijk en Italië ook verkocht aan het Verenigd Koninkrijk (SelfMadeHero), Spanje (Norma) en Duitsland (Reprodukt), en lopen onderhandelingen met verschillende uitgevers in Denemarken, Zweden en Noorwegen.

De soirée flamande, een diner op vrijdag, werd een boeiende avond voor Vlaamse auteurs, pers, uitgevers en internationale contacten. Het VFL organiseerde dit netwerkmoment in samenwerking met Flanders Investment and Trade (FIT) en de Vlaamse vertegenwoordiging in Parijs. Eens te meer werd duidelijk dat de Vlaamse strip veel potentieel heeft in het buitenland, en dat plannen waarvan al lang sprake is, steeds concreter worden.

In oktober 2006 startte het VFL met een actief buitenlandbeleid voor strips. Op dat moment was al één album vertaald met steun van het VFL: ‘Louis Armstrong’ van Philip Paquet bij het Italiaanse Scritturapura. De inspanningen van het VFL brachten een sneeuwbaleffect op gang. Nu, bijna drieënhalf jaar later, zijn daar vijftien gesubsidieerde vertalingen bij gekomen naar het Frans, Duits, Italiaans, Engels, Fins en Hongaars, en zitten een veelvoud aan projecten in de pijplijn.

Het directe effect van de aanwezigheid van het VFL op een beurs is nog nooit zo snel zo groot geweest. Het spreekt dan ook voor zich dat het VFL volgend jaar opnieuw op het appel zal zijn. Het hoopt daarbij dat FIT, dat de verkoopstand financieel mogelijk maakt, opnieuw zal investeren in de Vlaamse strip.